Zaterdag zijn we begonnen met een zeer toeristische activiteit: de bateaux-mouche. Een rondvaart in een van de grote boten die de Seine afvaren. Bateaux mouche omdat de motor werd vervaardigd in La Mouche, een wijk in Lyon. Best de moeite waard, als je het gebroken Engels en vliegensvlugge Frans van de gids kan ontcijferen. Een groepsactiviteit dus, samen hoor je immers meer.
Die zaterdag heb ik ook eindelijk de Bouquinistes open gezien. Dit zijn 240 kleine groene boxen die op de opgesteld staan langs de Seine waar men voornamelijk tweedehandsboeken verkoopt, maar ook prenten, kaartjes,...
Daarna brachten we een bezoek aan het Musée d'Orsay. Niet zo heel erg bekend overigens. Het gebouw was vroeger een treinstation, maar heeft het in die functie maar 40 jaar overleefd. Daarna werd het een museum voor kunst uit de tweede helft van de 19de eeuw.
En bref : wauw wauw wauwie. (Toegang is 8 euro, maar voor mij was het gratis. Heel veel culturele bezienswaardigheden zijn trouwens gratis voor jongeren onder de 25 jaar in Frankrijk) Ten eerste: het restaurant. Normale prijzen in een ongelofelijk mooie setting. Echt de moeite!
Ten tweede: het museum zelf natuurlijk. We hebben twee uur lang door het museum gekuierd. Wie hebben we allemaal gezien? Henri de Toulouse-Lautrec met zijn impressionistische weergave van het Parijse leven in de Belle Epoque ( periode van 1890 tot de eerste wereldoorlog) waaronder schetsen en schilderijen van de Moulin Rouge. Dan ook nog andere impressionisten: Degas, Renoir, Monet en Manet. Verder Van Gogh, Rousseau, Rodin,Gustav Klimt... Te veel VIP's uit de kunstwereld om op te noemen. En dat zijn enkel de schilderijen en beelden. Er is ook een hele afdeling gewijd aan de Art Nouveau. Hier kan je het verschil zien tussen bijvoorbeeld Belgische Art Nouveau en Oostenrijkse.
Persoonlijk vond ik de set 'La Danse à la Campagne' en 'La Danse à la Ville' van Renoir prachtig, alsook Le Petit Déjeuner sur l'Herbe van Manet. En alles van Toulouse-Lautrec. Zijn schilderijen zijn vaak gemaakt op karton en je ziet echt hoe die man zijn ziel heeft gelegd in iedere penseelstreek....
Na die overload van cultuur was het even genoeg. Etenstijd. En waar beter dan een restaurant waar ze Belgisch bier hebben? Inderdaad, een klein restaurantje, natuurlijk vlak bij het hotel van mijn ouders, veel te typisch.
's Avonds nog een wandeling vanaf het Louvre tot aan het einde van de Champs Elysées, of toch tenminste tot aan het einde van de gigantische kerstmarkt die er opgesteld staat. Toegegeven, op iedere kerstmarkt vind je dezelfde rommel. hier was het niet veel beter: glühwein, hotdogs, mutsen en sjaals, juwelen,... maar dan 20 keer opnieuw en opnieuw. De kerstverlichting op de Champs Elysées is trouwens van Belgische makelij!

Zondag een beetje kalmer aan. Ik wou graag Parijs op een andere manier bekijken: ondergronds. In de Catacombes van Parijs kan je een 2 km lang traject afleggen, zo'n 20 meter onder de grond. Dit traject was oorspronkelijk ontstaan toen men stenen nodig had voor het heraanleggen van gans Parijs, maar kregen later een andere, meer lugubere bestemming. De vele kerkhoven in Parijs waren in die tijd niet langer voldoende voor de miljoenen doden. Er moest plaats gemaakt worden. De oplossing was om de overschotten van 6 miljoen doden in de ondergrondse gangen te leggen. Men begon hiermee in 1786 en dit ging door tot 1860. Eerst werden de botten vrij willekeurig neergelegd, daarna werden er 'muurtjes' gemaakt...
Ik dacht dat we een kleine kassa zouden aantreffen, met een oud mannetje dat ons ticketje met moeite zou kunnen scheuren en blij zou zijn met bezoekers. Totaal het tegenover gestelde zo bleek. We moesten aanschuiven in een lange rij buiten in de koude. Maar het was het waard. En da niet alleen omdat het onder de grond 14 graden was, een stuk warmer dus dan boven de grond. De wandeling begint aan in de Avenue Colonel-Henri Rol-Tanguy vlakbij het kerkhof van Montparnasse. De naam Montparnasse komt trouwens van de berg gruis die in de wijk lag na het maken van de catacomben. Men noemde de 'berg' naar het Griekse gebergte Parnassus.
Het eerste deel van de tocht is nog vrij normaal. Maar ongeveer in de helft wandel je door een poort waarboven staat ' Arrête, c'est ici l'empire de la mort'. De rest van de tocht wandel je letterlijk tussen miljoenen botten, allemaal netjes opgestapeld in kleine muurtjes. Bij iedere muur staat van welk kerkhof de botten afkomstig zijn. Er zijn ook talrijke bordjes met gedichten en bijbelse citaten over de dood. A trip to remember...
Deze ondergrondse wandeling nam veel tijd in beslag, dus de rest van de dag hebben we al winkelend doorgebracht in een klein schattig deel van Parijs, nabij de Cour du Commerce Saint-André, een kleine doorgang waar je het oudste café van Parijs kan bewonderen. Waren hier vaste klant: Diderot, Voltaire, Rousseau. Tegenwoordig is het een restaurant.
Als laatste nog een avondwandeling naar de Place Vêndome, een zeer chique plein vlakbij het Louvre. Het eerste voorbeeld van bouwen op maat: alle gevels zijn hetzelfde, maar de inrichting konden de bewoners zelf kiezen. Hier vind je ook het Ritz hotel, waar Lady Diana haar laatste nacht doorbracht. Je vindt er trouwens alleen maar peperdure winkels. Niet echt voor de doorsnee toerist, maar het bekijken wel eens waard.
Dat was het slot van ons overdrukke ik-wil-alle-delen-van-Parijs-beleven-weekend. Immens vermoeiend, maar zeer bevredigend....
Nu heb ik bij toeval gisteren op youtube de liedjes van de klokkenluider van de Notre Dame bekeken. Die gypsies leven daar in het Hof der Mirakelen en om daar te geraken moeten Quasimodo en Phebus door de catacomben. Ik dacht goh dat zal wel overdreven zijn die skeletten. Blijkbaar niet dus :) tja Disney/Victor Hugo moet toch ergens zijn inspiratie van halen :)
BeantwoordenVerwijderenAwel ja dat zijn ze! ik moest daar ook meteen aan denken van tiens, das dus toch waar! T is wel wa aangespekt natuurlijk en k denk dat het ook niet klopt in verband met de juiste periode in de geschiedenis, maar enfin.
BeantwoordenVerwijderen